F van FLUTBOEKJE

Dit flutboekje

Recensie op boekenpagina “Uit het Reservaat”, Humo, 25-06-1996 “Dan duurt het koekje langer.” Deze zin noemt Brigitte Raskin in het slotverhaal van Afscheid van steen (Van Halewyck/Balans), een bundel autobiografische verhaal, “het heerlijkste zinnetje dat ik me uit mijn kinderjaren herinner”. Dat zegt zowat alles over de kneuterigheid van dit flutboekje. Het is voorwaar geen sinecure een zinnige reden voor de publicatie ervan te bedenken.
Misschien zat Raskin met een stapel verhalen waarmee nu eindelijk maar eens iets moest gebeuren? Niet echt, want de eerste twee van de acht bijdragen zijn eerder impressies van een paar bladzijden dan verhalen, en bovendien bestaat maar liefst een derde van dit toch al flinterdunne boekje uit een herdruk van De Maagd van Antwerpen, een mislukte gelegenheiduitgave van de Vereniging ter Bevordering van het Vlaams Boekwezen uit 1992.
Misschien vond Raskin het nuttig al het proza over haar kindertijd eens bij elkaar te brengen? Niet echt, want net als De Maagd van Antwerpen gaat Mama ondanks de misleidende titel niet eens over haar kinderjaren.
Misschien komt Raskin tegemoet aan de nieuwsgierigheid van velen door te boek te stellen dat haar roots in Aarschot liggen? Niet echt, want dat haar accent intussen al ten overvloede duidelijk gemaakt.
Misschien verpakt Raskin haar herinneringen in bijzonder proza? Niet echt, want obligate schoolopstelletjes zonder enige spankracht zijn helaas niet zo uitzonderlijk in onze letteren.
Misschien schrijft Raskin interessante experimentele verhalen? Niet echt, al doet ze een poging in het slotverhaal door naar zichzelf afwisselend als “ik”, “Ik”, “ze” en “het kleine meisje Ik” te verwijzen, wat zinnen oplevert als: “Toen ik een maand later haar plechtige communie deed, waren de mensen verbaasd omdat ze in het wit was.” [noot BR: in werkelijkheid staat “Ik” er met een hoofdletter] Niet bepaald een heerlijk zinnetje dat de lezer lang zal bijblijven.
(bv)


Brief 27 juni 1996 van Anni van Landeghem, redacteur Van Halewyck, aan Mark Schaevers, voormalig redacteur Van Halewyck, in ’96 journalist Humo en samensteller van de Humo-boekenpagina

Leuven, 27 juni 1996

Dag Mark,

Al jaren probeer ik Brigitte ervan te overtuigen dat ze niet zo paranoïde moet reageren op wat er over haar in de pers verschijnt. De meeste journalisten zijn niet vooringenomen, er zijn wel degelijk mensen bij die haar werk grondig bekijken en naar waarde weten te schatten. De recensie van Bart Vanegeren voor Afscheid van steen was in dat verband een hele steun.
Eindelijk iemand die ook vindt dat Brigitte niet langer moet boeten omdat ze destijds de AKO-jury heeft omgekocht en eindelijk iemand die zegt: dat van die stem, dat hebben we nu uitentreuren gehad, laten we daar maar eens over ophouden. (Stel je voor dat we Komrij op zijn stem zouden beoordelen.)
Dat komt natuurlijk omdat er voor die boekenpagina iemand werkt die haar al jarenlang kent, zowel professioneel als persoonlijk. Mocht het een venijnige bespreking zijn geweest, dan had die dat wel tegengehouden, omdat hij een hoop mensen het gegniffel niet zou hebben gegund. Bovendien verschijnen er al nauwelijks recensies in HUMO, waarom zou je dan voor één keer een uitzondering maken en plaats ruimen om ingenuanceerd te zeggen dat een boek niet deugt?
Dat de bespreking een beetje kort is uitgevallen, is ook niet zo erg: over Brigittes vorige boek hebben we een paginalange recensie en een HUMO-sprak-met gehad. Daar teren we nog altijd op.

Dus: hartelijk dank en vriendelijk gegroet,
Anni van Landeghem

PS: dit is geen open-vensterbrief.


Fax 28-06-1996 van Brigitte Raskin aan Anni van Landeghem


Lieve Anni,

Bedankt voor je kopie van de brief aan Mark én voor het schrijven van die brief. Je drukt uitstekend uit hoe een en ander zit én hoe ik het aanvoel. Dat ik van die ironische, zelfs cynische toon houd, kan je wel raden!
Paranoïde als ik inderdaad ter zake wat ben, durfde ik daarnet nauwelijks De Morgen open te plooien, want mijn naam stond in een kadertje vooraan. Ik werd des te aangenamer verrast door de grondige, raak assemblerende lectuur van Afscheid van steen door Jos Borré en door de mooie verwoording van zijn indrukken – én mijn schrijfmotieven. Oef, Bart Vanegeren kan zich nu schamen voor zijn oppervlakkige lectuur en voor zijn flutstukje.

Tot gauw, gelukkige vrouw, Brigitte

“Want de verteller zet een waar verhaal graag naar zijn hand.”

Brigitte Raskin